Geschiedenis

Gent is een stad met een rijke geschiedenis en ook Hostel Uppelink deelt hierin...


Hostel Uppelink
Sint-Michielsplein 21
Ghent
9000
Belgium

Bekend gebouw

Ruim tien eeuwen geleden werden de funderingen gelegd van het gebouw waarin Hostel Uppelink nu gevestigd is. Doorheen zijn geschiedenis werd het pand uitgebreid en aangepast aan zijn wisselende functies, tot het in 1909 de vorm kreeg die het vandaag nog steeds heeft.

De middeleeuwse bouwheren bestelden dure kalkstenen die vanuit Doornik werden aangevoerd via de Schelde. Het hoge gebouw met zijn massieve voorgevel, een ‘steen’, had een strategische ligging: het keek uit op de Sint-Michielsbrug en de weg naar Brugge. Achter de robuuste muren met kantelen vonden de machtige patriciërs die steen het betrokken bescherming tegen concurrerende families. Na verloop van tijd, rond de vijftiende eeuw gaven de invloedrijke en vermogende bewoners het rechterdeel van het gebouwencomplex de naam Lintworm mee. Dit woord had in de middeleeuwen een heel andere betekenis dan vandaag. Een lintworm was een mythisch dier dat zich toonde in de vorm van een reuzenslang, draak of krokodil en dat kracht, macht en onoverwinnelijkheid symboliseerde. Geen wonder dat patriciërsfamilies zich er maar al te graag mee identificeerden.

Rond 1500, het jaar waarin Keizer Karel geboren werd in het Prinsenhof, nam Robert De Keysere een kleine kilometer verderop zijn intrek in de Lintworm. De Gentse handel draaide op volle toeren en ook op cultureel vlak ging het de stad voor de wind als een centrum van het humanisme. Ook humanist De Keysere droeg zijn steentje daartoe bij. Hij had al een grote drukkerij aan de Kraanlei en richtte in de Lintworm een Latijnse school op, waar jongens onder andere klassieke teksten bestudeerden. Erasmus van Rotterdam, een vriend van De Keysere, bezocht de school in het najaar van 1503 en was fel onder de indruk van het onderwijsniveau. Toen Filips II, koning van Spanje en zoon van Keizer Karel, in 1556 en 1559 de stad Gent bezocht, zorgde Graaf van Egmond ervoor dat de vorst en zijn vierhonderdkoppig gezelschap onderdak kregen in de Lintworm.

Het gebouw naast de Lintworm was lange tijd het atelier van een schoenlapper ondergebracht. Het andere deel van het complex, aan de kant van de Sint-Michielskerk en zijn kerkhof, stond al in de veertiende eeuw bekend als de Carre. Daar was lange tijd een herberg voor graanhandelaars gevestigd. Later gebruikte het stadsbestuur de Carre als uitvalsbasis om belastingen te innen op het brouwen van bier. In het kader daarvan was in het midden van de zestiende eeuw een coöperatie van biervoerders en bierdragers opgericht. Dertig mannen hadden de opdracht om al het bier dat in Gent gebrouwen werd naar de bierkelders onder de trappen van de Lintworm te brengen. Hierdoor werd het volledige gebouw omgedoopt tot de Keytkelder, genoemd naar een oud zwaar Gents bier dat oorspronkelijk gebrouwen werd van het water uit een bron onder het gebouw. Die bron bestaat vandaag nog, maar het water is onzuiver.  

Vanaf 1675 kwam het biervoerdershuis in handen van de Kerk en diende het een eeuw lang als pastorij van de Sint-Michielsparochie. Nadien werd het gebouw openbaar verkocht aan particulieren. In het begin van de negentiende eeuw moest een deel van het complex wijken voor een verbreding van de brug, de huidige Sint-Michielshelling. Wat vroeger een fier steen was geweest, werd geleidelijk omgevormd tot een doodgewoon witgepleisterd herenhuis waarin verschillende café’s en een restaurant werden opengehouden.

In de aanloop naar de wereldtentoonstelling die Gent in 1913 mocht organiseren, kregen de Gras- en de Korenlei een middeleeuws jasje aangemeten. Het witte herenhuis op de hoek was een bouwval en zou worden gesloopt, maar tijdens de aanleg van de nieuwe Sint-Michielsbrug kwamen de oude bouwlagen aan het licht. Onder druk van een actiegroep kreeg het gebouw, op een paar aanpassingen na omwille van de brug, opnieuw deels het uitzicht van een burcht uit 1200. Na de wereldtentoonstelling werd het gerestaureerde steen het riant optrekje van de pastoor van de Sint-Michielskerk. In 1958 werd het gebouw publiek verkocht en in 1979 werden in de bovenste bouwlagen het restaurant Graaf van Egmond ingericht, dat in 2008 de deuren sloot. Na grondige renovatiewerken werd in september 2012 Hostel Uppelink feestelijk geopend. 


×